zaterdag 3 augustus 2013

Sneeuw

Terwijl de sneeuwvlokken vallen
Op jouw huid
Smelten als tranen
Lang je gesloten oogleden

De boom die zachtjes deint
In de wind
De voetstappen nog vers
In de sneeuw gezet

Elke dag klonken die zachte noten
Door mijn raam
De vingers gleden over de toetsen
Terwijl de klanken door de hemel zweven

Je stopt en kijk me aan
En je glimlacht
Als ik stop bij je raam
Zonder woorden

Sneeuw dat langs me heen
Naar binnen vloog
Verdween
Als je opving

De fotoboek die we deelden
Bladzijde voor bladzijde
Pakte m’n hand
En kneep zacht

Ik wil het zien
Ik wil het nog een keer zien
Samen…

Terwijl de sneeuwvlokken vallen
Richt je jouw gezicht in de wind
Vangt de wintergeur op
In mijn oren hoorde ik weer de lied

Terwijl de sneeuwvlokken vallen
Voel ik je trillen
De voetstappen al weggevaagd
Vang ik je op

Als het glimlachend koud wordt

Paraplu

Paraplu
De paraplu die ik draag
Buiten in de regen
Zwaarder en zwaarder
Weegt hij
Bij elke stap

Langzaam drijven de wolken
Uiteen hoog
In de hemel
Als een vogel langschiet
Langzaam
Verdwijnt

Een laagje water
Verspreid over de tegels
Vormen kringen
Als ik zucht
Licht
Verschijnt

De paraplu hoog
Diamantkristallen vallen
Als het dichtklapt
En op mijn schouder beland
De wereld als herboren

Loop ik verder

donderdag 11 juli 2013

Op een kleine heuveltop

Op een kleine heuveltop
Was een klein meisje
Dit meisje had een droom
Van duizend vlinders
Maar hoe hard ze ook rende
Haar voeten bleven steken
Op een kleine heuveltop

Op een kleine heuveltop
Dit meisje droomde nog steeds
De vlinder vertelde haar
Duizend bloemen te verzamelen
Iets geweldigs zou dan gebeuren
En ze verdwenen
Op een kleine heuveltop

Op een kleine heuveltop
Was een klein meisje
Elke dag en nacht
Zocht ze naar de bloemen
Haar handen waren vies
Haar voeten waren moe
Maar haar ogen waren vol hoop
Op een kleine heuveltop

Die nacht
Stond ze hoog
En reikte naar de hemel
Als de duizendste bloem
Van haar hand
Viel
Viel zij
En terwijl ze in het gras lag
Kon ze de vlinders zien
Duizend vlinders
Vliegend naar de hemel
Totdat de laatste dansend vervaagde
Van haar
Kon ze eindelijk lachen

Voor één keer

maandag 20 mei 2013

Als de bal die wordt opgegooid


Als de bal die wordt opgegooid
De silhouette in de zon
Werpt een schaduw op de grond
Als de dag opnieuw begon

Als de schommel tot leven komt
Bij elke zwaai weer
De oude kettingen kraken
Als voor de honderdste, duizendste keer

Als de lamp de duisternis doorbreekt
Een stapel boeken naast mijn bed
Bladzijde voor bladzijde sla ik om
Als ik de nacht steeds weer verzet

Als ik de scheuren van de tijd
Weer kon helen
Voor even
Heel even
Als de bitterheid van de tranen

Stromen de woorden mee
In de stroming van de wind
Terwijl ik mijn gezicht naar de hemel richt
Vang ik ze weer op
Als de bal die wordt opgegooid

zaterdag 6 april 2013

De roos


Als de kamer leeg is
Gevuld met stilte
Alleen een klok
Tikt langzaam verder

De raam op een kier
De wind blaast
Alle herinneringen
Weer terug

De roos in de vaas
Ritselt zacht
De geur van het verleden
Hangt in de lucht

De deurklink
Gaat omlaag
Voetstappen naderen
In deze stille ruimte

Terwijl de roos zijn bladeren
Langzaam laat gaan
In de wind
Door de raam
Naar buiten

De warmte van jouw hand
De glimlach om je lippen
Het was alsof
Het oneindig zou duren

De zon zakt
De nacht ontwaakt
En langzaam
Verdween het laatste blaadje

Door deze kamer
Gevuld met stilte
Alleen een klok
Tikt hier verder

zondag 17 maart 2013

Lucht



Met mijn rug in het gras
Nat van ochtenddauw
De lucht, ben jij
Zo helderblauw

De witte wolken drijven voorbij
In vele figuren
En ik lig daar nog
Na vele uren

De zon gaat op
En de zon gaat onder
De nacht begint
De sterren dansen
Die wolken zijn voorbij

De lucht, ben jij
Zo donkerblauw
Met mijn rug in het gras
Nog steeds
In avonddauw

donderdag 14 juni 2012

Het Escola College (3)

Vrienden en vijanden
Nogal onzeker over mijn lot liep ik mijn nieuwe klas in. De meeste mensen keken onverschillig voor zich uit.
"Nou, stel je zelf eens voor Guinera!" zei een vrouw die waarschijnlijk mijn docente was.
"Eh... ik ben Guinera" zei ik "en ik ben 15 jaar en ik ben hier nieuw"
Niemand reageerde. Ik schuifelde naar de plek die me werd aangewezen. Ik ging voorzichtig zitten naast een jongen. Ik kon zijn gel in zijn donkerblonde haren ruiken vanaf hier.
"Dus jij bent nieuw?" hoorde ik plotseling. Ik had nooit verwacht dat hij ooit een woord tegen me zou zeggen, maar integendeel.
"Zoals je ziet"
"Ik ben Tommy Hilsson" hij glimlachte en keek me aan met zijn heldere blauwe ogen.
"Guinera Wilson" zei ik.
"Waarom ben je hierheen gekomen?" vroeg Tommy.
"Ehm... ja..." ik twijfelde of ik hem de waarheid moest vertellen of niet? Ik kon het zelf nauwelijks geloven!
"Als je er moeite mee hebt kan je het me wel later vertellen" zei Tommy bezorgd. Ik glimlachte.
"Bedankt, ik... ik heb er inderdaad best moeite mee"
"Hé, alles komt goed" zei hij en ik voelde een warme tinteling door mijn lijf gaan toen hij zijn hand op mijn arm legde.
"Tommy!" siste iemand achter ons. De stem was van een meisje met haar met zeer veel volume. Ze kwam bij mij een beetje over als een populair kaktypje. Ze had een dikke laag mascara op haar wimpers en haar lippen waren felrood gestift. Ze boog zich naar Tommy toe met getuite lippen, maar Tommy weerde haar zachtjes af.
"Niet in het openbaar, Diffy" zei hij zacht. Diffy keek me met een dodelijk blik aan.
"Niet in het bijzijn van háár bedoel je" siste ze giftig.
"Diffy, hou op!" beval Tommy, Diffy keek me nog één keer gevaarlijk aan en boog zich toen weer over het werk.
"Het spijt me daarvoor" fluisterde Tommy zacht.

Toen het eindelijk pauze was haalde ik opgelucht adem. Het was zo verstikkend warm in het gebouw dat ik meteen naar buiten rende. Ik zoog de frisse lucht met alle dankbaarheid in. Hoog boven me zag ik een vliegtuig scheren, het vloog vervaarlijk laag.
Ik ging aan een tafeltje zitten en pakte mijn lunchpakket. Net toen ik een hap wou nemen voelde ik iemands aanwezigheid. Ik keek op.
Twee blauwe ogen keken door dunne brillenglazen op me neer.
"H...hallo?" zei ik onzeker. Het kwam door haar blik, ik was zelden onzeker.
Ze keek me nog even nijdig aan, draaide zich toen abrupt om en verdween. Op dat moment kwam Tommy aanlopen.
"Trek je niets van haar aan, dat is Eliza, een vreemd typje"
"Wat deed ze?" zei ik bang.
"Volgens mij is dit haar manier om kennis te maken" Tommy lachte. Ik lachte mee, maar kon het niet laten om Eliza steeds te volgen met mijn ogen.

zaterdag 19 mei 2012

Het Escola college (2)

Een nieuw begin
Het was nu precies vijf jaar geleden en dat klinkt lang, maar toch voel ik de leegte in mijn hart nog steeds. Als een complete puzzel waarvan iemand een stukje heeft gestolen.
Ik pakte het fotootje van mijn moeder vast en aaide het glas. In mijn oren klonk de preek nog na.
Het was alsof het allemaal gisteren was gebeurt...
"Guin!" riep mijn vader naar boven.
"Ja?" riep ik vanuit mijn kamer.
"Wil je de tafel dekken?"
"Goed dan!" het was wel het laatste waar ik zin in had, maar sinds mam er niet meer is, is hij erg prikkelbaar.
"Hartstikke bedankt, schat!"
"Oké... wat is er aan de hand?" vroeg ik voorzichtig.
"Er is niets aan de hand, mag ik geen vrolijke bui hebben?"
"Iets té vrolijk voor jouw doen, als je het mij vraagt"
"Kom op, Guin!"
Ik zuchtte en verdeelde de borden over de tafel.
"Liz! Eten staat klaar!" riep ik naar boven. Een tienjarig meisje kwam de trap afgestormd.
"Wat eten we?" riep ze wantrouwend, toen ze de enorme pan met vreemde slierten op tafel zag staan.
"Spaghetti! Kom aan tafel en gedraag je, ik verwacht bezoek"
Lizzy kwam naast me zitten.
"Denk je dat papa zijn nieuwe liefde heeft gevonden?" fluisterde Lizzy zacht. Ik glimlachte, maar diep van binnen hoop ik dat het niet meer dan een afspraak is.

De bel ging. Mijn vader verdween meteen naar de gang. Even later kwam hij binnen met een knappe vrouw. Haar blonde haren zaten in een paardenstaart en haar lach straalde vriendelijkheid uit.
Lizzy mocht haar blijkbaar meteen, maar ik had het eer best moeilijk mee.
"Meisjes, dit is Cornelia"

Cornelia bleek inderdaad de nieuwe vlam van pap te zijn. Ik woelde in mijn bed. De lichtgevende cijfertjes op mijn wekker gaven negen uur aan.
Er werd zachtjes geklopt op de deur van mijn kamer.
"Binnen" zei ik. Mijn vader kwam zachtjes naar binnen.
"Ik vond dat ik je dit even moest vertellen"
"Wat is er?" vroeg ik verbaasd.
"Jij vond je school toch al niet meer zo leuk?"
"Nou, ik heb niet echt vrienden ofzo... maar voor de rest gaat het wel"
"Maar zou je niet opnieuw willen beginnen? Een nieuw begin?"
"Draai er nou maar niet omheen pap!" zei ik vermoeid.
"Nou... eh, we hebben geregeld dat je naar een nieuwe school gaat"
"Wie bedoel je met we?" vroeg ik argwanend.
"Cornelia en ik" zei pap zacht, meteen vervloog alle sympathie die ik voor Cornelia had opgebouwd.
"Dat ze mams plaats inneemt in jouw hart, daar kan ik nog mee leven, maar dat ze mijn leven gaat bepalen!?" schreeuwde ik.
"Maar Guinera..."
"Waar slaat dit allemaal op! Waarom moet ik ergens anders naar toe?"
"Guinera, je zult het heel mooi vinden, het is in de woonplaats van Cornelia"
"Oh, dat maakt alles beter! Jullie kennen elkaar al langer, hè? Ik merkte heus wel dat je steeds vreemder werd!"
"Dat klopt, Guinera, ik wil niet tegen je liegen, maar ik wist dat je zo zou reageren en ik wou zeker weten of dit serieus ging worden, zodat je niet boos werd om niets"
"En waarom moeten we naar haar geboorteplaats, ik bedoel, we gaan toch niet bij haar intrekken?"
"Guinera..."
"Ik verlaat deze huis niet! Als jij je herinneringen aan mam kwijt wilt raken, dan doe je dat! Maar mam zal nooit verdwijnen uit mijn hart en zeker niet voor dat mens!"
"Guinera!" riep mijn vader streng. Ik keek hem uitdagend aan. Toen zuchtte hij.
"Guinera, ik beloof je dat mam altijd een speciaal plekje in mijn hart blijft krijgen, het zit niet zoals je denkt"
"Hoe zit het dan?"
"Guinera, ik..."
"Je haat mam!" schreeuwde ik, het flapte er zo uit. Ik schrok er zelf heel erg van, want ik wist dat het niet zo was. Pap keek ook geschokt en zijn hartelijke ogen veranderen in trieste, waterige ogen.
"Ik hield juist teveel van haar... maar dat begrijp je niet"
"Ik begrijp het heel goed!"
"Guinera, ik wil dat je ophoudt met zulke dingen zeggen"
"Ik wil dat je ophoudt met háár!"
"Dat kan niet..." mijn vader begon plotseling heel zacht en voorzichtig te praten. Ik bewoog me onbewust dichter naar hem toe om te verstaan wat hij zei. Toen zijn woorden mijn oor bereikten verstarde ik. Alsof alle spieren in mijn lichaam was stopgezet en dat ik alleen nog maar die woorden kon herhalen in mijn hoofd. Alsof ik een zwarte kubus van alle kanten bekijk om te zien of er een sprankeltje wit in zat:
"Ik ga met haar trouwen"

dinsdag 8 mei 2012

Het Escola College (1)

Proloog
Zuchtend gooide ik mijn sokken bovenop de berg kleren die in de koffer stond.
"Dat gaat nooit passen, liefje!" riep mijn moeder in de deuropening.
"En... bedankt!" riep ik mijn moeder achterna. Ik verheugde me er zo op! Een weekje naar Oostenrijk. Ik weet eigenlijk niet wat ik eigenlijk moet verwachtten. Sneeuw, zon, wind...
"Ik kom je helpen, schat" mijn moeder knielde bij me neer en gooide het één na de ander shirtje weg.
"Maar die moet mee!" riep ik protesterend terwijl ik een hemdje opving.
"Waarom? Hier heb je nog tien andere hemdjes!"
"Dan doe je één van die tien andere hemdjes maar weg, maar deze blijft in mijn koffer" ik had het zelf ontworpen hemdje ooit van mijn beste vriendin gekregen, maar sinds ze verhuisd is heb ik jammer genoeg nooit meer contact gehad.
"Oké, oké" mijn moeder gooide één van de andere hemdjes de koffer uit en even later kon de rits fatsoenlijk dicht.

"Hebben we alles? Oké! We vertrekken, Guinera!" ik keek naar mijn ouders die de auto inlaadden.
"Guin!" riep een klein stemmetje.
"Hallo, Lizzy" ik pakte mijn zusje op en draaide haar in het rond.
"Waar gaan we heen?" vraagt ze. Ik zuchtte.
"Dat heb je nu al twintig keer gevraagd. We gaan naar Oostenrijk!"
Lizzy keek bedenkelijk.
"Oostenrijk?"
"Ja en dat zit vol met bergen!"
"Bergen?" Lizzy keek haar zus vragend aan. Ik lachte.
"Je ziet wel"

Ik snoof de Oostenrijkse lucht op. Ik ging hier twee geweldige weken doorbrengen!
"Wauw, geweldig!" ik liep mijn en mijn zusjes hotelkamer binnen. Een mega groot raam bood uitzicht op een lounge aan een helder meer. Ik weet niet hoe wijd mijn ogen waren op dat moment. Het water golfde uitnodigend en voor ik het wist hees ik mezelf in een bikini en verdween toen in het water.

Het Escola College

Ik weet dat ik al lang niet meer heb geschreven, maar ik ga nu een verhaal schrijven als serie. Elke week zet ik een "aflevering" op.
Hier wat algemene informatie:

Naam:

Hoofdpersoon
Naam: Guinera Elisabeth Wilson
Leeftijd: 15
Geslacht: Vrouw
Karakter:
  • Avontuurlijk
  • Nieuwsgierig
  • Vrolijk
  • (Soms iets te) Optimistisch
  • Verwaarloosd haar school nogal
  • Dromerig
Extra: Ze is nieuw op Het Escola College en heeft 1 beste vriendin die een soort spiegelbeeld is van haar. Haar moeder is gestorven en ze woont bij vader en zusje.
Uiterlijk:
Haar: Bruin, lang, met slag
Ogen: groen
Lengte: ong. 1.70
Extra: Geen bril, geen beugel, een moedervlek in haar hals en geen sproeten

Bijpersoon
Naam: Eliza Maria Hetterson
Leeftijd: 15
Geslacht: Vrouw
Karakter:
  • Leergierig
  • Verstandig
  • Vrolijk
  • Stresskip
  • Let heel goed op of ze de regels niet overtreed
  • Oplettend
Extra: Ze zit bij Guinera op Het Escola College. Haar beide ouders zijn gestorven en ze woont bij een rijke pleeggezin.
Uiterlijk:
Haar: Zwart, lang, meestal in een vlecht, steil
Ogen: Blauw
Lengte: Ong. 1.70
Extra: Lenzen, geen beugel geen moedervlek en geen sproeten

Naam: Tommy Hilsson 
Leeftijd: 16
Geslacht: Man
Karakter:
  • Brutaal
  • Eigenwijs
  • Aandacht vragend
  • Vrolijk
  • Charmant
  • Speels
Extra: Vriendje van Diffy. Eerst was hij bevriend met Guinera. Diffy 'hypnotiseerde' Tommy echter en sindsdien waren ze vijanden voor de rest, maar in het geheim bleven ze vrienden.
Uiterlijk:
Haar: Donkerblond, kort, veel gel, losse lokken
Ogen: Blauw
Lengte: Ong. 1.75
Extra: Geen bril, geen beugel, geen moedervlek, een klein beetje sproeten

Naam: Diffy Cathrina Keuler
Leeftijd: 16
Geslacht: Vrouw
Karakter:
  • Slijmerig
  • Eigenwijs
  • Aandacht vragend
  • Charmant
  • Zichzelf luxe verschaffen
Extra: Als Guinera nieuw op school komt en ziet dat haar vriendje Tommy heel aardig doet tegen haar word ze jaloers en zet Tommy tegen Guinera. Diffy en Guinera waren al vanaf de eerste dag vijanden.
Uiterlijk:
Haar: Lichtblond haar, lang, vol
Ogen: grijsblauw
Lengte: Ong. 1.70
Extra: Lenzen, geen beugel, bijna altijd kauwgom en veel make-up.

Plot:
Guinera komt nieuw op Het Escola College waar veel vreemde types rondlopen. 
Tommy, die eigenlijk bevriend met haar is, doet alsof ze de grootste vijanden waren, maar dat heeft Guinera niet altijd door, ze denkt dat Tommy haar altijd aardig had gevonden, maar als ze achter komt dat Tommy met zijn vrienden rondbazuint dat Guinera stom en lelijk was hing hun vriendschap aan een zijden draadje, met grote plezier van Diffy, die haar grote jaloezie niet onder controle kan houden.
Guinera raakt bevriend met Eliza en samen brengen ze school door, maar op een gegeven moment verdwijnen er een paar leerlingen en gebeuren er rare dingen op school. Samen met Eliza gaat ze achter het geheim aan.

woensdag 9 november 2011

Wijnglas

Mijn Wineas Glassias
Kwetsbaar is jouw glas
Met rode drank, vul ik jou
Rood als mijn bloed
Rood als jouw vuur
Is nu as

Mijn gezicht weerspiegelt
In jouw glans
Bij wie maak ik nu
Nog een kans

En nog steeds ben jij
Ondoorzichtig
Onaangeroerd
Sta jij daar
Ik ben klaar
Sta op
Het licht gaat uit

Nog steeds niet
Ben jij aangeraakt

zaterdag 29 oktober 2011

Wie is Hij?

Wie is Hij?
Weet Hij hoe je heet?
Weet Hij waar je woont?
Weet Hij van wie je houdt?
Weet Hij wat je doet?
Weet Hij wat je denkt?

Weet Hij... wie je bent?

Weet Jij... wie je bent?

Tekenen

De radio aan
Een rustig liedje

Met een potlood in mijn hand
Lijnen op papier
Zet ik mijn gedachtestroom vast
In een vreemde taal

Met de tonen in mijn hoofd
De betekenis in mijn hand
In mijn oren
De geluiden die
Een cello maakt

In lijnen en bogen
Wil ik meer
Dan ik met woorden
Zal kunnen zeggen

vrijdag 30 september 2011

Als...

Als daar buiten op het gras
Ooit iemand hetzelfde liep
Als ik hier loop
Genietend van de zon
En het dauw langs mijn tenen

Als daar onder die appelboom
Ooit iemand hetzelfde zat
Als ik hier zat
Lezend uit mijn boek
Met een vlinder op mijn schouder

Als hier in mijn hoofd
Ooit iemand hetzelfde dacht
Als ik hier dacht
Misschien ooit
Jaren geleden…

Zou dat mogelijk zijn?

zondag 18 september 2011

Lila en storm

Aapjes en banaantjes
Dat is de papegaai
En Storm zegt
'aai aai aai'
Lila schopt zijn kont
en deelt klappen uit
En Storm zegt
'grijp de buit'
Hij pakt een lamp
en slaat het stuk
zodat Lila
een banaan eet.
maar dan zegt ze plotseling:
'Het rijmt niet meer
oh neeeeeeee'
En dan zegt Storm
'We gaan nu over zeeeeeeeeee
nu rijmt het wel'
En Lila zegt:
'Banaan Met Chocomel'

Einde

Door: Ru-Lian en Wan-Qing

zaterdag 25 juni 2011

Demons

Hier is ie dan! Het verhaal van 1500 (en meer) woorden, wat ik belooft had. Veel plezier!
Er hing een groene waas rondom het riviertje. Irene streek neer in het gras en pakte haar tekenblok uit haar tas. Ze pakte de scherpgeslepen potlood en begon langzaam het landschap vast te leggen.
Een vlinder ging vertrouwd op haar schoot zitten. Ze was hier immers regelmatig. Haar ouders hadden dan ook regelmatig ruzie. Zo’n vier dagen per week. En dan ongeveer vier per dag.
Irene’s tekenkunsten en deze plek was haar enige troost als ze ruzie maakten. Ze voelde de wind de waterdruppels uit het riviertje tegen haar blote schouders waaien. Even rilde ze.
Toen had ze alles op papier gezet. Ze haalde haar map tevoorschijn met al haar andere tekeningen, maar veel verschil was er niet.
Irene borg al tekeningen op. Toen aarzelde ze even. Ze zag het water verleidelijk stromen...
Even later lagen haar sandalen aan de kant en trok ze haar jurk op tot haar knieën. Toen liet ze voorzichtig haar eerste voet in het water glijden. Daarna de tweede. Ze liet haar rugzak in het gras staan.
Ze liep steeds verder de midden van het water in. Ze sloot even haar ogen, terwijl ze liep. Tot ze iets voor haar voelde stromen. Ze stond voor de waterval. Ze hield haar hand in de stroming. Het water werd daar opgehouden en stroomde langs haar hand verder.
Snel trok ze het terug. Ze dacht dat ze er iets achter vond.
Ze deed twee handen in het water, horizontaal, zodat het water nog meer opgehouden werd. Ze zag het nu duidelijk. Een perfect uit steen gehouwen tunnel met edelstenen die flonkerden.
Irene aarzelde even, ze keek op haar natte horloge: bijna zes uur. Irene haalde haar schouders op, haar ouders zullen haar toch niet missen. Toen dook Irene de tunnel in.

Het was vochtig en koud. Irene rilde. Ze hoorde de waterval kletsen, maar ze zag het niet meer. Waar de waterval hoorde te zitten zat nu een massieve stenen muur. Irene huiverde even. Hoe moest ze er straks weer uit? Ze verzamelde alle moed en liep verder. De edelstenen flikkerden in het duister, alsof ze zelf lichtgaven. Er was namelijk geen lichtbron.
Ze kneep haar natte haren uit. Na een tijdje, haar horloge gaf kwart over zes aan, kwam er een enorme spiegel tevoorschijn.
Ze zag haar zelf, maar niet echt. Ze zag wel haar lange, golvende, blonde haren, maar ze waren niet nat. Ze zag haar zeegroene ogen, maar ze hadden iets perfects, net als haar neus en haar lippen.
Ze had ook niet haar zomerjurkje aan, ze had een duur gewaad aan dat rijkdom uitstraalde. Ze had een zijden waaier vast, belegd met minuscule stukjes goud en zilver.
Ze keek naar haar eigen hand, maar die was nog net zo nat als altijd, zonder een waaier of iets dergelijks. Irene schrok en wist dat ze weer naar huis moest.
Een paar minuten later stond Irene weer voor de waterval. Ze dacht niet na en rende er dwars doorheen. Trok haar schoenen aan, deed haar rugzak om en rende zo hard als ze kon naar huis.

De volgende dag haalde Irene weer een tekenblok tevoorschijn, maar deze keer kon ze haar gedachten niet bij haar potlood houden.
De jongen en de spiegel dwaalden steeds door haar gedachten. Uiteindelijk stond ze vastberaden op en liep weer naar de waterval. Ze moest het weer zien.
Deze keer was de toch een stuk langer en het leek wel moeilijker, ze was ten eerste weer kletsnat en ten tweede sneden de edelstenen in haar voeten.
Ze was er weer, uitgeput maar voldaan. Dit keer zag ze zichzelf, maar dan met haar ouders. Ze knuffelden elkaar liefdevol en legde een hand op Irene’s schouder. Irene greep naar haar schouder, maar ze greep alleen maar haar schouder.
Ze bleef staren tot ze weer besefte dat ze naar huis moest. Ze sprintte weer weg.
De derde dag gebeurde hetzelfde. De tocht was echter haast onverdraaglijk lang en pijnlijk, maar elke keer hield Irene weer die bevredigende beeld voor haar ogen waardoor ze doorzette. Ze kwam eindelijk bij de spiegel aan, wou weer neerstrijken op de kille vloer om naar haar wensen te kijken.
“Dat zou je wel graag willen hebben, toch?” een knappe jongen me korte, zwarte stekels stond achter haar.
“I...ik eh...” stotterde Irene betrapt. De jongen lachte en kwam dichterbij.
“Ik bied het je allemaal. Blijf hier” zei hij lokkend en hield zijn hand zachtjes op haar schouder.
“I...ik weet niet i...ik”
“Je hoeft niet te twijfelen. Je hebt drie dagen de tijd gehad om te beslissen en nu is de tijd aangebroken”
“Wat bedoel je ik...”
“Dit is je laatste kans om in de spiegel te kijken. Als je ervoor kiest hier te blijven zal je alles krijgen wat je zag in de spiegel. Als je kiest om nu terug naar huis te gaan, vind je deze tunnel nooit meer terug”
Irene dacht aan alle voordelen... alles eigenlijk, maar ze kon dan niet bij haar ouders blijven. En wat dan nog? Die geven toch nooit aandacht aan haar, die maken alleen maar ruzie...
“Ja, ik blijf” zei Irene, plotseling vastberaden. De jongen knikte.
“Ik ben Ket, kom mee, ik breng je naar mijn paradijs” hij stak zijn hand uit. Irene slikte even en pakte toen zijn hand vast.
Het was alsof ze in een eindeloze achtbaan zat. Ze tolde en maakte loopings en sjeesde vooruit...
Toen ze in een stad aankwam. Ze had geen tijd om alles goed in zich op te nemen. Ket trok haar mee naar een paleis en bracht haar naar een adembenemend mooie kamer. Ze ging op haar bed zitten en kreeg meteen een bad met rozenbladeren. Ze liet zich erin glijden en bleef er beslist een half uur inzitten voor ze gerimpeld eruit kwam, maar fris. Toen zag ze dat er een mooie donkerpaarse jurk op haar bed was gelegd. Meteen trok ze die aan. Ze keek in haar spiegel. Toen pakte ze een borstel die was belegd met amethist en onyx en borstelde haar haren.
Ze keek vanuit haar raam naar de stad, maar schrok terug. Het was een en al donker. Alle figuren door de straten bewogen zich vrij sierlijk, maar duister.
Irene sloot haar raam en opende haar deur, zelfs de gang was duister. Irene riep Ket, maar niemand reageerde. Uiteindelijk kwam ze in een eng uitziende deur terecht. Voorzichtig klopte ze aan, maar het zwaaide vanzelf open. Ze zag een donker trappetje dat naar beneden liep. Ze pakte een toorts van de muur en liep voorzichtig naar beneden. Ze kokhalsde toen ze het zag. Paniek overheerste haar gedachten en struikelend over de zoom van haar jurk deinsde ze achteruit. De klap die ze kreeg van de trap liet haar duizelen, toen ze iemand de trap af hoorde komen. Ze werd ruw van achter gepakt. Ze kon niet zien wie het was, maar de handen waren ijskoud.
Er werd een hand voor haar mond gehouden, toen ze probeerde te gillen.
“Stil, ik – probeer – je – alleen – maar – te – redden – blijf stil” siste onmiskenbaar Kets stem in Irene’s oor.
Hij trok haar zacht mee terug de trap op, nam haar mee naar haar kamer en deed de kamerdeur op slot.
“Luister eens heel goed” zei hij streng “Je mag daar nooit meer komen! Als iemand daar achter komt, stel je voor!”
“Ik wil hier niet meer zijn!” riep Irene huiverend.
“Je hebt je beslissing genomen, kind”
“Ik ben geen kind meer, noem me niet zo” riep Irene kwaad. Ket keek haar gefrustreerd aan. Draaide zich woedend om en sloeg de deur met een klap achter zich dicht.
De volgende dag echter overwon haar nieuwsgierigheid het van alle dreigementen. Ze wilde zien of het niet een verbeelding was. Ze werd al misselijk bij dat beeld dat ze toen zag, maar ze wilde iets doen. Ze sloop haar kamerdeur uit en zocht weer naar de kamer, al snel vond ze hem. Duwde hem zonder kloppen open, er was natuurlijk niemand. Ze sloop de kelder in. Kneep haar ogen dicht en deed ze toen open. Ze hingen er inderdaad nog. Duizenden lijken aan het plafond aan hun hals. Irene voelde haar maag weer draaien, wat bezielde haar?! Ze wou zich omdraaien toen ze recht in de ziedende ogen van Ket keek.
“Het is niet w...wat het lijkt!” riep ze wanhopig smekend, maar Ket keek genadeloos. Hij trok haar aan haar haren naar binnen.
“Ik heb je gewaarschuwd!” riep hij kwaad. En hij smeet haar tegen een bebloede muur. Trok een mes en hield het onder haar keel, maar voordat het haar huid raakte, liet hij het vallen. Irene hijgde, terwijl de tranen in haar ogen prikte.
“Wat ben jij?” vroeg ze hees. Ket gromde. Pakte zijn mes op.
“Ga” zei hij zacht.
“Wat?”
“Ga, voordat ik me bedenk, je bent hier helaas niet gelukkig genoeg”
Irene keek hem vertwijfeld aan.
“Ik zei dat je moest gaan”
Irene zag de dreiging in zijn hand waarmee hij de mes vasthield. Toen draaide ze zich om en rende weg. Ze hoorde nog net dat hij fluisterde: “Ik ben een demon”
Ze wist dat ze dit niet mocht horen, deed ook alsof ze dat niet hoorde en rende naar de uitgang. Toen hoorde ze plotseling iemand haar achterna rennen. Ze wist dat Ket zich bedacht had. De tranen prikten in haar ogen toen ze over de weg raasde, op weg naar de poort die terug naar de waterval leidde. Ze sprong erdoorheen, net toen Ket de zoom van haar jurk pakte. Hij trok haar naar zich terug, kuste haar op haar lippen. Op dat moment voelde Irene dat ze op de harde grond lag. Ze opende haar ogen. Ze lag op het gras. Ze had dezelfde zomerjurkje als de eerste dag aan. Ze was al die tijd aan het slapen!
Ze stond op, hees de tas over haar schouder en rende terug naar huis om met een nieuw start te beginnen met haar ouders.

zondag 12 juni 2011

JUBILEUM

3000 dagen! Hoera! Eh... weten jullie eigenlijk al waarom? Nou Daryl, Lisa en ik zijn al 3000 dagen beste vriendinnen! We al zoveel samen beleefd, ik weet nog toen ik en Daryl een 'regenboog broodje' probeerden te maken. Eh... met andere woorden, gewoon een buitengewoon smerig broodje maken met jam, pindakaas, chocopasta, hagelslag, boter... Ook gingen we een parcourtje doen, maar Daryl struikelde over de teletubbie-schommelstoel, toen moest ze huilen en ik om de ene of andere reden ook :S. Toen moest mijn zusje ook huilen en kwam mijn moeder thuis. Ahaha, waar blijven die mooie tijden.
Ik weet ook nog goed hoe ik met Lisa een remix maakten:
'Midden in de winternacht, gaat de hemel open... nananananananananananana...
Jingle bells jingle bells jingle oh the way
Billy jean is not my lover, she claims i am the one
Smooth criminal
bafbaf baf baf...' ofzoiets.
En onze 'overheerlijk' maar wel creatieve toetje: Ijs met slagroom en hagelslag. Chocola erover heen en een sate prikker met een krokant kussentje.
Daar hadden we dus allemaal foto's van zitten maken.
Ook hadden we vaak samen gelogeerd.
Toen Lisa en Daryl wakker werden met iets vreemds aan hun voeten, wat ik bleek te zijn. Ik was zonder dat ik het wist naar de andere kant gekropen in mijn slaap. We hadden ook een keer tot ongeveer 8 uur 's ochtend wakker gebleven. We zagen de zon opkomen!
Ah... er is veel te veel gebeurd in de 3000 dagen, en laat er alsjeblieft nog meer komen!

Luv u Daryl en Lisa.
My best friends

en een fijne jubileum van 3000 dagen

(Ja, je kaart was mooi, met dat 'gecondoleerd', ahahaa)

XXX

dinsdag 31 mei 2011

Vergeet-mij-nietje

Ook als jij de hoge golven zal trotseren
Bloeien de coniveren
Langs de straat
Groeit er een vergeet-mij-nietje in mij hand
Rinkelt: 'Vergeet mij niet, vergeet mij niet!'
Over het hele land

Als je mij verlaat

zondag 15 mei 2011

Zeilkamp deel1

Ik ben een week op
zeilkamp geweest. Hier een verhaal verdeeld in de dagen (sommige vreemde
gebeurtenissen in dit verhaal is ook echt gebeurd en ik heb natuurlijk ook de
namen veranderd).


Veel plezier!


Maandag


Zacht scheen de zon over het water. Iets te zacht, ik rilde
van de kou. Voor ons stond een grote boerderij.


Op het water dobberden onmiskenbaar zeilboten.



Ik weet nog goed hoe het begon: we hoorden in de klas dat het zeilkamp eraan kwam. Veel
kinderen hadden een inschrijfformulier ingeleverd. Ik ook.



En nu sta ik hier, na vele weken wachten. Een paar kinderen
uit mijn klas zaten naast me. Een meeuw vloog laag over een paar gillende
meisjes.



Luid las de begeleider de kamers voor. We zaten met zijn
zessen in een kamer.


Ik strompelde naar mijn kamer samen met mijn klasgenoten die
in dezelfde kamer zaten.



“Bah, wat muf”, zei Irene. Ze zette een klein raampje open.
Gillian giechelde, terwijl ze een enorme snoepzak opende.


Even later hoorden we een gil.


“Oh nee! Nou zijn al mijn snoepjes mijn slaapzak in gegleden”.
Gillian kroop haar slaapzak in en viste er een snoepje uit.


“Wie wil?”. Gillian grijnsde met haar hand uitgestoken,
terwijl Irene walgend achteruit schuifelde.


“Geef mij maar!”, riep Quinta en ving behendig een snoepje
op.


“Ze zijn verpakt Irene”, grijnsde Gillian en at er zelf ook
eentje.


“Ik pak liever chips”. Irene scheurde een ‘Patatje Joppie-chips’
open. Binnen een paar seconden snelde de hele kamer op Irene af met een: ‘geef
mij, geef mij!’


Plotseling werd er op de deur geklopt.


“Het wordt misschien geen zeilen vandaag, vanwege de wind”,
zei een iets oudere meisje uit ongeveer de vierde klas.


“Jammer!”, zeiden we in koor.



Inderdaad waaide het hard. De gordijnen klapperden wild en
Emily snelde naar de raam om het dicht te doen, maar voor dat lukte wapperden
haar donkerblonde haar recht naar achter.



Plotseling begon de geur van verse pasta het huis te
vervullen. Hongerig stormde de helft van de kamer de trap af. Langzaam ging ook
de rest naar beneden tot alleen nog Emily en ik overbleven.


Ik liep de gang op, toen ik iets net langs mijn arm voelde
vallen, daarna hoorde ik een geluid van gevallen glas. Geschrokken kwam Emily
de kamer uit. Op de grond lag een hoopje wit glas. Automatisch keek ik omhoog,
ik zag dat de zijkant van de lamp daar was gebroken.


Emily rilde.




“Maar viel je op het glas?”, vroeg Irene.


“Nee,”, zei ik “ik viel niet, ik liep er net langs”



Na het eten werden de bootindelingen gemaakt en gingen we
toch zeilen.


De boten schommelden gevaarlijk. Mijn haar woei steeds voor
mijn zicht.


Eindelijk hoorde ik het pruttelen van de motor. Het bootje
gleed over het water.


Onze begeleidster zat aan de stuur, ze heette Cathelijne.


“Hijs de zeilen!”, riep Cathelijne. Binnen een paar minuten
was het zeil gehesen. Meteen raasden we over het water, helemaal schuin. De met
schuim bedekte golven rolden naast de boot.


“Laag blijven!”, gilde Cathelijne, toen een meisje op wou
staan. Verschrikt bukte ze voor de giek (de onderste stang die het zeil vast
houdt) die mateloos heen en weer bewoog.


“Een belangrijke regel: laag blijven”, zei de begeleidster
streng. We knikten.


Spetters werden de kuip in geslingerd. Een meisje gilde toen
een golf water haar regenkleding binnen wist te glippen.


“Is dit niet cool?”, gilde Cathelijne boven het geraas van
de golven uit.


“Ja!”, riepen alle jongens. Ik glimlachte, totdat een plons
water me nat maakte.


Na een uur razen pruttelden we weer terug naar de
thuishaven.


Vermoeid ploften we neer in onze bedden. Ik hoorde de wind
nog loeien langs de raam.


“Hoe was het bij jullie?”, vroeg Irene.


“WILD!”, riep de hele kamer en we lachten.



WORDT VERVOLGD…

zondag 24 april 2011

Sakura

Speel voor me


nu de maan opkomt


Verzorg me met je tonen



Speel voor me


In deze nacht


Mijn bloemen zal je kronen


Laat een beekje stromen


Laat mijn takken buigen


Laat de sterren vallen


Laat herinneringen los




Ik neem je mee, in mijn diepste wortels


Tot mijn diepste geheim


en mijn oudste vruchten


Geef je mij je vertrouwen?




Speel voor me


In deze nacht


onder de roze hemel


laat ik mijn liefd los


voor jou